Stel uw pensioenvraag
"*" geeft vereiste velden aan
Het werkingssfeerbesluit van het Pensioenfonds Zorg en Welzijn (PFZW) kent geen hoofdzaak-criterium. Hierdoor is er geen ondergrens waardoor alle werknemers ineens onder het pensioenfonds vallen als de werkgever slechts één werknemer aanneemt die onder de werkingssfeer van het pensioenfonds vallende activiteiten uitvoert. Psychologen vallen bijvoorbeeld op dit moment nog niet onder PFZW maar wel psychiaters. Dus toen de werkgever een psychiater in dienst nam was het raak. Tenzij de PFZW-activiteit op verwaarloosbare schaal wordt verricht. Wat een verwaarloosbare schaal is, is afhankelijk van alle omstandigheden van het geval. Meer daarover is te lezen in het artikel Verplichtstelling MITT onaanvaardbaar. In deze zaak (ECLI:NL:RBMNE:2026:3081) is het duidelijk; de werkgever valt onder het pensioenfonds en stelt de adviseur terugwerkend aansprakelijk.
Werkgever vangt bot
De adviseur beroept zich op de algemene voorwaarden en dat het advies meer dan vijf jaar geleden heeft plaatsgevonden (verjaringstermijn). Deze argumenten treffen geen doel, de adviseur onderbouwt onvoldoende dat de werkgever de algemene voorwaarden heeft ontvangen en dat de werkgever een redelijke termijn heeft gekregen om van de algemene voorwaarden kennis te nemen.
Tekortgeschoten in nakoming verplichtingen?
De adviseur moet bij zijn werkzaamheden de zorg van een goed opdrachtnemer in acht nemen, niet tekortschieten in de nakoming van zijn verplichtingen en rechtmatig handelen. Dat blijkt te zijn gebeurd.
Advies onzorgvuldig?
De werkgever stelt dat het advies ook onzorgvuldig was omdat sprake is geweest van een verkort adviestraject. Volgens werkgever heeft de adviseur hiermee in strijd gehandeld met de Leidraad. Adviseur stelt zich echter op het standpunt dat de werkgever geen rechten aan de Leidraad kan ontlenen omdat de Leidraad alleen betrekking heeft op de verhouding van de adviseur met Autoriteit Financiële Markten (AFM).
De adviseur heeft verder uitgelegd dat het onderzoek in 2017 beperkter was dan het onderzoek in 2013, omdat partijen hadden afgesproken dat de adviseur uit kostenoverwegingen geen marktonderzoek zou doen en het uitgangspunt was dat de pensioenregeling van de werkgever weer bij dezelfde pensioenuitvoerder zou worden ondergebracht.
De rechtbank geeft aan dat deze manier van afbakenen niet onjuist is en dat de adviseur hiermee niet onzorgvuldig en in strijd met haar informatie- en adviesverplichtingen op grond van artikel 4.23 Wft heeft gehandeld. Het enkele feit dat wellicht niet volledig aan de Leidraad is voldaan, maakt dit niet anders. De rechtbank volgt het standpunt van de adviseur dat de werkgever zich niet rechtstreeks op de Leidraad kan beroepen. Uit de informatie die de AFM zelf op haar website geeft, blijkt dat de Leidraad invulling geeft aan en duidelijkheid geeft over de normen in de Wft en specifiek is bedoeld voor de advisering over werknemerspensioenen door de pensioenadviseur aan werkgevers.
De Leidraad heeft echter niet de status van wet- en regelgeving
Adviseur is niet tijdig op de hoogte gebracht van de wijziging van activiteiten
Doorslaggevend is dat de werkgever pas na het adviestraject onder PFZW viel, namelijk vanaf het moment dat er een psychiater werd aangetrokken. De adviseur was hier niet van op de hoogte en in de beheerovereenkomst is afgesproken dat de adviseur zich na het adviestraject alleen met de administratieve wijzigingen zou bezighouden.
Heeft u behoefte aan een onafhankelijke pensioenadvies? Neem dan contact op.
Bijgewerkt op 11 juni 2026.
11 juni 2026