Stel uw pensioenvraag
"*" geeft vereiste velden aan
Een AOW-gerechtigde verhuurt een kamer. Is er dan sprake van een gezamenlijke huishouding waardoor Svb de AOW daarop mag aanpassen (verlagen)? De Sociale verzekeringsbank (Svb) vindt van wel en verlaagt het alleenstaande pensioen naar een gehuwdenpensioen ondanks het feit dat de kamerhuurder vele maanden per jaar elders in een tuinhuisje woont. De verlaging van de AOW scheelt al snel € 500 per maand. Daar is verhuurster niet blij mee en gaat naar de kantonrechter (ECLI:NL:RBMNE:2026:6864).
Wat waren de argumenten van verhuurster tegen de beslissing van Svb?
- Er zou geen sprake zijn van een gezamenlijke huishouding maar van een commerciële huurrelatie, omdat verhuurster een kamer verhuurt in haar woning.
- Huurder woont een paar maanden per jaar elders in een tuinhuis en de afstand tussen de huisjes van verhuurder en huurder is groot.
- Niet alle vaste laten worden gedeeld.
Wat spreekt tegen de AOW-gerechtigde?
Er is sprake van een gezamenlijke huishouding, omdat aan het huisvestingscriterium en aan het zorgcriterium wordt voldaan.
Gezamenlijke huishouding
Er is sprake van een gezamenlijke huishouding als twee personen het hoofdverblijf in dezelfde woning hebben en blijk geven zorg te dragen voor elkaar door middel van het leveren van een bijdrage in de kosten van de huishouding dan wel anderszins.
Als het gaat om het huisvestingscriterium is van belang dat Svb ervan uitgaat dat het hoofdverblijf wordt gedeeld. Omdat:
- Verhuurder en huurder staan op hetzelfde adres ingeschreven.
- Dit adres is ook het postadres van beide.
- Huurder kan het hele jaar over de kamer beschikken. Dat huurder tijdens de zomermaanden in een tuinhuisje verblijft is onvoldoende om niet van gezamenlijk hoofdverblijf uit te gaan.
- Huurder heeft bij de verhuurder persoonlijke spullen en administratie liggen en betaalt gedurende het hele jaar huur.
- Ook de was wordt bij de verhuurder gedaan.
- Het is geen tijdelijke verhuursituatie, omdat de situatie al sinds 2019 bestaat en huurder heeft verklaard niet actief op zoek te zijn naar een andere woning.
Wederzijdse zorg
- Verhuurder en huurder beschikken over een gezamenlijke bankrekening, waar zij gezamenlijke boodschappen, uitstapjes en korte vakanties van betalen.
- Huurder en verhuurder eten geregeld samen (ongeveer twee keer per week) en koken dan voor elkaar.
- Als het nodig is laat huurder de hond van verhuurder uit.
- Verder gaan ze samen op vakantie en mag huurder gebruik maken van de auto van verhuurder.
- Bij ziekte zullen zij voor elkaar zorgen zo is verklaard.
Gelet op al deze aspecten, in onderlinge samenhang bezien, kon de Svb in dit geval uitgaan van een gezamenlijk hoofdverblijf en van wederzijdse zorg. De stelling van verhuurder dat er sprake is van een commerciële huurrelatie volgt de rechtbank niet. Dit blijkt niet uit de manier waarop verhuurder en huurder met elkaar omgaan.
Heeft u behoefte aan een objectief advies dan ben ik u als onafhankelijk pensioenadviseur graag van dienst. Contact.
Bijgewerkt op 2 november 2026.
2 november 2026