Menu

Waardeoverdracht pensioen

Om praktische redenen, bijvoorbeeld als de uitvoeringsovereenkomst met de pensioenuitvoerder wordt beëindigd, is het als werkgever interessant voor te sorteren op de aanstaande wijziging van het pensioenstelsel. Hoe? Door zelf alvast de pensioenwijziging op tafel te leggen en te bespreken met de ondernemingsraad, werknemers en eventuele vakbonden. Als er overeenstemming is bereikt over de toekomstige opbouw zijn de bestaande pensioenaanspraken aan de beurt. Blijft het pensioen staan of is er sprake van een waardeoverdracht?

Bij een waardeoverdracht wordt er een ander pensioen bij dezelfde of andere pensioenuitvoerder ondergebracht of wordt hetzelfde pensioen bij een andere pensioenuitvoerder ondergebracht.

Er zijn verschillende vormen van waardeoverdracht. Is er sprake van een verplichting of alleen een bevoegdheid, een individuele waardeoverdracht of collectieve waardeoverdracht, nationaal of internationaal en grensoverschrijdend? In dit artikel wordt de volgende onderverdeling gehanteerd:

Individuele waardeoverdracht

Een werknemer kan sinds 2015 als hij van baan wisselt al zijn eerdere pensioenpotjes overhevelen naar de nieuwe pensioenregeling. De pensioenuitvoerders moeten aan de waardeoverdracht meewerken, als zij er financieel gezond voor staan. Of de waardeoverdracht voor de werknemer verstandig is, is van meerdere factoren afhankelijk en betreft altijd maatwerk.

Waarom zou een deelnemer een individuele waardeoverdracht wensen?

Het is verstandig die vraag eerst te stellen en te beantwoorden. De onderstaande voorbeelden geven een richting. Overigens hoeft een werknemer niet alle pensioenregelingen over te hevelen. Hij kan aan ‘cherry picking’ doen door alleen de meest interessante waardeoverdrachten uit te laten voeren als hij in de loop der jaren verschillende pensioenen heeft opgebouwd en achtergelaten. Een individuele waardeoverdracht zou pas plaats moeten vinden na eerst een grondige afweging te hebben gemaakt van de voor- en nadelen.

Voorbeelden

Van een uitkeringsovereenkomst (middelloon) naar een premieovereenkomst

Stel, de werknemer heeft een gegarandeerd pensioen opgebouwd. De uitkeringen staan vast, bijvoorbeeld bij een middelloonregeling of de steeds zeldzamere eindloonregeling. Om deze uitkering te kunnen garanderen heeft de pensioenuitvoerder inmiddels een aanzienlijke waarde gereserveerd. Als dit bedrag wordt overgeheveld naar een premieovereenkomst, waarbij de pensioenuitvoerder voor rekening en risico van de deelnemer gaat beleggen, kan er waarde verloren gaan. Vooraf is een eventueel verlies moeilijk in te schatten, achteraf des te makkelijker te bepalen. Eerder veroordeelde het hof een werkgever en adviseur voor het onvoldoende waarschuwen over de risico’s van de collectieve waardeoverdracht.  

Van een middelloonregeling ondergebracht bij een verzekeraar naar een pensioenfonds

Een verzekeraar garandeert. Pensioenfondsen kunnen de pensioenen verlagen. In nood. Als de opgebouwde waarde van een pensioenverzekeraar wordt overgeheveld naar een pensioenfonds en het fonds op een later moment de pensioenen kort (inclusief de overgehevelde waarde) is dat zuur. Belangrijk dat de deelnemer zich van dit risico bewust is.

Andere toeslagafspraken?

Om de koopkracht te behouden en prijsstijgingen te compenseren kan een toeslag in een pensioenregeling een welkome aanvulling zijn. Stel, de oude pensioenregeling kent een onvoorwaardelijk toeslag. Dan is het vaak verstandig de waarde te laten staan als de gewezen deelnemer, ook wel slaper genoemd, daar ook van profiteert en zijn nieuwe pensioenregeling slechts een voorwaardelijk toeslag kent.  

Alles bij elkaar centreren

Overzichtelijk. Zeker in de tijd vóórdat het pensioenregister (www.mijnpensioenoverzicht.nl) kon worden geraadpleegd bood het bij elkaar voegen van de verschillende pensioenpotjes overzicht. Inmiddels is dat minder nodig. Daarnaast kan het spreiden van het risico en kansen over meerdere regelingen interessant zijn.

De nieuwe uitvoerder biedt duurzame beleggingsfondsen aan

Stel, de oude pensioenuitvoerder heeft maatschappelijk verantwoord ondernemen minder hoog in het vaandel staan. De nieuwe pensioenuitvoerder wel. Dan kan een overdracht interessant zijn. De beslissing moet altijd weloverwogen plaatsvinden nadat alle voor- en nadelen zijn bestudeerd.  

Automatische waardeoverdracht

Het kan ook zijn dat de werknemer geen actie onderneemt maar dat de oude pensioenuitvoerder dit voor hem doet. Als de deelnemer niet zelf tot actie overgaat, gaat de oude pensioenuitvoerder bij kleine pensioenen zelf op zoek naar de pensioenuitvoerder waar de deelnemer op dit moment actief pensioen opbouwt. Deze waardeoverdracht kan de deelnemer niet verhinderen, het is een recht van de pensioenuitvoerder. Meer over een ‘klein pensioen’ in de volgende paragraaf.  

Waardeoverdracht klein pensioen

Door de ‘toenemende flexibilisering in arbeidsrelaties’ administreren pensioenuitvoerders relatief veel kleine premievrije pensioenen. Bij een premievrij pensioen blijft de opgebouwde waarde achter bij de pensioenuitvoerder. Er wordt geen premie meer aan toegevoegd. Het premievrije pensioen is klein als het pensioen kleiner is dan € 503,24 (2021). Kleine pensioenen kunnen sinds de inwerkingtreding van de Wet waardeoverdracht klein pensioen door de oude pensioenuitvoerder worden overdragen naar de pensioenuitvoerder waar de werknemer op dat moment (actief) deelnemer is. Dat is interessant voor de pensioenuitvoerder omdat de uitvoeringskosten in verhouding over deze pensioenen hoog zijn.  

Bijbetalingsplicht werkgever

De werkgever loopt bij waardeoverdracht een bijbetalingsrisico. Dit komt omdat bij een uitkerings- of onzuivere premieovereenkomst pensioenuitvoerders verschillende berekeningsmethoden kunnen toepassen. Als de overdrachtswaarde anders wordt berekend dan de toekenning van de pensioenaanspraken in de pensioenregeling van de ontvangende pensioenuitvoerder ontstaat er een verschil. De werkgever kan worden aangesproken op een eventueel tekort. De bijbetalingsverplichting strekt voor de werkgever tot maximaal € 15.000 of 10% van de overdrachtswaarde mocht dit bedrag hoger liggen. De werkgever loopt een bijbetalingsrisico als hij een middelloonregeling aanbiedt en de nieuwe of een inmiddels jaren uit dienst zijnde werknemer een waardeoverdracht wenst. Of de oude pensioenuitvoerder past zijn recht toe om kleine pensioenen over te dragen.

Als de overdragende pensioenuitvoerder een verzekeraar is én de financiële positie van de werkgever laat een bijbetaling aantoonbaar niet toe, is er geen plicht.

Waarschuwing: Het komt voor dat pensioenuitvoerders de werkgever een bijbetalingsverzoek zenden met een veel hoger bedrag erop vermeld dan de eerder genoemde maxima. De pensioenuitvoerder vraagt de werkgever of hij bereid is deze aanvullende bijdragen te betalen. De werkgever hoeft hier niet mee akkoord te gaan. In art. 19b lid 3 Besluit Pensioenwet staat dan ook dat bij geen reactie de werkgever niet bereid is aanvullende bijdragen te betalen. Als de werkgever wel bereid is aanvullend bij te dragen is het ten zeerste van belang dat hij zich bewust en ten volle realiseert waarmee hij akkoord gaat. Door wel actief akkoord te gaan ontstaat er een aanzienlijke onomkeerbare verplichting voor de werkgever. Een gewaarschuwde werkgever telt voor twee.

Collectieve waardeoverdracht op verzoek

Er is sprake van een ‘collectieve waardeoverdracht op verzoek’ als de waarde collectief wordt overgedragen:

  • naar een andere pensioenuitvoerder als de uitvoeringsovereenkomst met de overdragende pensioenuitvoerder is beëindigd;
  • als gevolg van een overgang van de onderneming;
  • indien de pensioenovereenkomsten collectief worden gewijzigd; of
  • naar een andere collectiviteitskring bij hetzelfde algemeen pensioenfonds.

Een verzoek om collectieve waardeoverdracht kan door de werkgever of, bij bedrijfstakpensioenfondsen, de partijen die de pensioenregeling zijn overeengekomen worden gedaan.

Bezwaar wel of niet mogelijk

  • De deelnemer kan de waardeoverdracht van zijn eigen pensioen tegenhouden, niet die van het collectief.
  • De deelnemer kan een waardeoverdracht niet voorkomen als er sprake is van een collectieve wijziging van de pensioenovereenkomsten waarbij ‘de pensioenaanspraken worden omgezet in pensioenaanspraken die zijn berekend op basis van een hogere pensioenrichtleeftijd’ en er wordt voldaan aan de in art. 83 lid 3 PW opgenomen voorwaarden.
  • Interne collectieve waardeoverdracht (invaren). Als er sprake is van invaren bij een pensioenfonds is er geen individueel bezwaar mogelijk. In ieder geval dat is het plan opgenomen in het wetsvoorstel Wet toekomst pensioenen. Met invaren wordt de inbreng van bestaande pensioenaanspraken in een premieovereenkomst bedoeld. Het wetsvoorstel introduceert waarborgen om alle belangen evenwichtig te behartigen. Daarnaast zullen de pensioenfondsen die verwachten te zullen invaren minder snel worden gekort.

Soms wordt er onderscheid gemaakt

Een collectieve waardeoverdracht kan zich beperken tot een doelgroep. Daarbij moet rekening worden gehouden met de belangen van de achterblijvers. Met deze belangen wordt geen rekening gehouden als de werkgever de achterblijvers hun indexatieperspectief door een collectieve waardeoverdracht ontneemt, terwijl voor een andere groep (actieve deelnemers etc.) de waarde wordt overgeheveld en een toeslagendepot wordt ingericht om hun van enig indexatieperspectief te voorzien. Deze versobering voor de achterblijvers is alleen mogelijk als de pensioenwijziging tussen betrokkenen is overeengekomen. Klik hier voor een arrest waarbij de wijziging van het indexatieperspectief niet was overeengekomen.

Collectieve waardeoverdracht bij liquidatie pensioenuitvoerder

Als een pensioenfonds liquideert moeten de pensioenen worden overgedragen naar een andere pensioenuitvoerder. De (gewezen) deelnemers en pensioengerechtigden moeten allemaal mee. Het maken van bezwaar tegen de collectieve waardeoverdracht heeft geen zin.

Stel, een pensioenfonds liquideert. De dekkingsgraad ligt inmiddels al jaren onder het vereiste niveau. Als de fondswaarde wordt overgeheveld naar een nieuwe pensioenuitvoerder zal deze daar bijvoorbeeld minder dienstjaren in zijn administratie voor opnemen dan eerder door de werkgever met de werknemers is afgesproken.

De nieuwe pensioenuitvoerder kan niet anders, hij ontvangt immers een te lage koopsom.

De juiste volgorde is om eerst de pensioenregeling tussen de werkgever en werknemers te wijzigen (verlagen) en dan de waardeoverdracht plaats te laten vinden. Deze tussenstap is noodzakelijk; een collectieve waardeoverdracht bij liquidatie van de pensioenuitvoerder staat namelijk geen verlaging van de pensioenaanspraken en rechten toe. Daarom moet de bestaande pensioenovereenkomst eerst collectief worden gewijzigd. Tegen deze wijziging kunnen de belanghebbenden bezwaar maken, niet tegen de collectieve waardeoverdracht bij liquidatie.  

Waardeoverdracht op pensioendatum

Bij kapitaal- en premieovereenkomsten mag de pensioengerechtigde op pensioendatum ‘shoppen’ tussen de verschillende pensioenuitvoerders. Wie biedt voor het eventueel over te dragen pensioenkapitaal het hoogste pensioen, beste beleggingskansen (als er voor een variabel pensioen wordt gekozen) etc. Klik hier voor meer informatie.

Is er bij u sprake van hetgeen op deze pagina is beschreven of is er juist sprake van een uitzondering waarover u advies wilt ontvangen? Neem dan contact met Pensioenlogica op.

Bijgewerkt op 21 juni 2021.