Menu

Pensioenwijzigingen

Pensioenwijzigingen is het zevende deel van een serie van negen artikelen die samen een kennisbank vormen.

Wijzigingen kunnen plaatsvinden naar aanleiding van (opsomming is niet limitatief): 

  • pensioenakkoord;
  • fiscale wijziging;
  • verlenging pensioencontract (uitvoeringsovereenkomst);
  • functiewijziging;
  • Wijziging bedrijfsactiviteiten; en
  • baanwissel;

Pensioenakkoord

We gaan naar een premieovereenkomst met een gelijkblijvende, leeftijdsonafhankelijke, vaste premie. Kortom een vlakke premie voor alle pensioenen, ook het pensioen dat niet bij een pensioenfonds is ondergebracht maar bij een verzekeraar of premiepensioeninstelling. Doordat de premie-inleg van de jongeren langer kan renderen is er sprake van een degressieve pensioenopbouw.

Degressieve pensioenopbouw – Pensioenlogica

De factor tijd kan het draagvlak voor de pensioentransitie vergroten. Als de werkgever de werknemers (ondernemingsraad) in een vroeg stadium bij de vernieuwing van het pensioenstelsel betrekt, kunnen zij meedenken. De lagere toekomstige pensioenopbouw voor ouderen kan bijvoorbeeld op verschillende manieren worden gecompenseerd: in de vorm van extra loon of een lagere AOW-franchise, lagere werknemersbijdrage, het nabestaandenpensioen verbeteren of een combinatie van dit alles. Meer informatie over het pensioenakkoord en compensatiemogelijkheden op de speciaal daarvoor in het leven geroepen website: www.pensioentransitieplan.nl.

Fiscale wijziging

Een wijziging van de Wet op de loonbelasting 1964 kan samengaan met een aanpassing van de Pensioenwet. Bij de vernieuwing van het pensioenstelsel is daar in ieder geval sprake van. Doordat de omkeerregel in het nieuwe pensioenstelsel niet meer bij een middelloonregeling toegepast mag worden, zal geen één pensioenuitvoerder deze regeling meer aanbieden. De vraag naar een middelloonregeling droogt op.

Verlenging pensioencontract

De huidige lage marktrente zorgt voor een heftige schrikreactie zodra de werkgever het verlengingsvoorstel van een verzekerde middelloonregeling onder ogen krijgt. De premie neemt anno 2021 met gemiddeld 70% toe ten opzichte van 5 jaar geleden. Het is daarom dan ook verstandig de aankomende pensioentransitie niet pas halverwege 2024 te bestuderen maar er eerder mee aan de slag te gaan.

Kosten kunnen worden bespaard door het verlengingsvoorstel van de middelloonregeling nu al te vergelijken met een premieovereenkomst.

Hoe is de premieovereenkomst enigszins vergelijkbaar te maken en naar voren te halen? Zodat er nu al een adequaat en betaalbaar pensioen kan worden opgebouwd? Zaak om met deze vragen aan de slag te gaan. Ter voorkoming van haastwerk, de transitie slechts eenmaal uit te hoeven voeren en eerder kosten te besparen.

Tijdlijnen van de pensioentransitie:

Tijdlijnen pensioentransitie – Pensioenlogica

  

Functiewijziging

De arbeidsovereenkomst blijft in stand, maar de werknemer valt door een functiewijziging niet meer onder de deelnemersomschrijving van de pensioenregeling. Hij valt buiten de groep waarvoor de pensioenregeling is bedoeld. Het is belangrijk dat de werkgever deze pensioenwijziging naast de functiewijziging duidelijk met de werknemer communiceert.

Als de werknemer na functiewijziging voortaan onder een groep valt waarvoor de werkgever ook een aanbod tot het sluiten van een pensioenovereenkomst heeft gedaan, is dit aanbod tevens op de van functie gewijzigde werknemer van toepassing. Na aanvaarding is hij weer deelnemer in de andere pensioenregeling bij dezelfde werkgever. De premievrije aanspraken kunnen worden overgedragen. Belangrijk dat de werknemer pas de waarde laat overdragen na goed te zijn geïnformeerd en/of zich te hebben laten adviseren (zie deel 8). Daarnaast kan de pensioenregeling per groep verschillen. Informatie en eventuele compensatie aan de werknemer vereist.

Wijziging bedrijfsactiviteiten

Een werkgever valt door wijziging van activiteiten niet meer onder een verplicht gesteld bedrijfstakpensioenfonds (hij valt buiten de branche). Als er geen vrijwillige aansluiting van de werkgever met hetzelfde pensioenfonds tot stand komt stopt de pensioenopbouw bij dit pensioenfonds. De werknemer behoudt een premievrije aanspraak bij het bedrijfstakpensioenfonds.

Als de werkgever vervolgens een nieuwe pensioenregeling aanbiedt, komt er na aanvaarding van het aanbod een nieuwe pensioenovereenkomst tot stand. De werknemer is daarmee weer deelnemer en kan tevens, zoals in de vorige alinea beschreven, opteren voor een waardeoverdracht. Daarnaast is ook hier weer een duidelijk communicatie over de verschillen in pensioenregeling vereist en een eventuele compensatie benodigd.

Baanwissel

De pensioenopbouw wijzigt ook regelmatig als de werknemer werkloos wordt of kiest voor het zelfstandig ondernemerschap. ‘Kan’ maar dat hoeft niet. Bij een vrijwillige voortzetting kan de werknemer maximaal 3 jaar en de zelfstandig ondernemer 10 jaar de pensioenopbouw voortzetten. De premie komt in de meeste gevallen geheel voor rekening van de werknemer. Het werkgevers- en werknemersdeel. De mogelijkheid van vrijwillig voortzetten is overigens niet in elk pensioenreglement opgenomen of de maximale voortzettingstermijn is beperkt ten opzichte van wat wettelijk is toegestaan. Bijvoorbeeld een maximaal contractuele termijn voor zelfstandig ondernemers van 5 jaar terwijl de wet 10 jaar mogelijk maakt. Meer over vrijwillige voortzetting inclusief voorbeelden is te lezen in de whitepaper ‘Pensioenoplossingen bij ontslag‘.

Hoe komt een wijziging geldig tot stand?

Moet de werknemer de wijziging zo maar accepteren? Zeker niet. Echter als de wijziging bij cao tot stand komt, kan de werknemer er op individueel niveau niets tegen doen. Als de werknemer er wel wat over te zeggen heeft, kan de werkgever zich beroepen op het wijzigingsbeding opgenomen in de pensioenovereenkomst. Maar dan moet er wel sprake zijn van een zwaarwegend belang. In de praktijk blijkt een zwaarwegend belang niet zo snel aangetoond. Als de ondernemingsraad over de wijziging gaat, is een instemming van de ondernemingsraad een belangrijk signaal maar het bindt de individuele werknemer niet.

Wat gebeurt er met het elders opgebouwde pensioen?

Als de werknemer het eerder opgebouwde pensioen laat staan, wordt het een zogenoemde slapersrekening. Dat ‘slapen’ hoeft niet slecht te zijn (spreiding van potjes) en afhankelijk van het pensioenreglement kunnen de slapersrechten worden geïndexeerd.

Of hevelt de werknemer het pensioen over? Waarom de werknemer beter wel of niet voor waardeoverdracht moet kiezen wordt in het achtste deel van deze serie (‘Waardeoverdracht pensioen‘) behandeld.  

Vragen? Neem gerust contact op.

Bijgewerkt op 6 november 2021.