Menu

Pensioen en WW soms naast elkaar

Pensioen kort WW. Er zijn drie uitzonderingen die ervoor kunnen zorgen dat een WW-uitkering niet met pensioen wordt gekort. In het artikel Pensioen en WW worden de uitzonderingen uitgebreid beschreven inclusief voorbeelden en jurisprudentie. Met dit artikel voeg ik weer een uitspraak toe.

Feiten

Een werknemer (buschauffeur tijdens zijn laatste dienstverband) wordt gedeeltelijk werkloos nadat hij drie maanden voor een uitzendonderneming heeft gewerkt. Zijn contract werd steeds voor een maand verlengd. Het eerste dienstverband bij deze laatste werkgever ging in op 3 augustus, vervolgens op 3 september en de laatste op 3 oktober 2020. In verband met een verlies van arbeidsuren ontvangt de buschauffeur aansluitend een WW-uitkering.

Naast de WW-uitkering ontvangt hij drie pensioenen. Zodra het UWV dat ontdekt, stopt het instituut de WW-uitkering met terugwerkende kracht. De werknemer heeft dus wel recht op een WW-uitkering echter de pensioenuitkeringen zijn hoger waardoor hij per saldo niets overhoudt.

Korting tenzij….

De buschauffeur beroept zich op de uitzondering beschreven in artikel 3:5 lid 7 Algemeen inkomensbesluit Socialeverzekeringswetten (AIB). De tekst luidt:

in afwijking van het vierde lid, onderdeel a, wordt niet tot inkomen in verband met arbeid gerekend een uitkering die door de uitkeringsgerechtigde reeds werd ontvangen voorafgaand aan het ontstaan van de dienstbetrekking waaruit het recht op uitkering op grond van de Werkloosheidswet is ontstaan’.

Eigen interpretatie UWV

Het UWV interpreteert deze tekst ruimer, volgens eigen interpretatie van het UWV moet het ouderdomspensioen al zijn ontvangen voorafgaande aan de dienstbetrekking of dienstbetrekkingen waarmee aan de wekeneis van artikel 17 WW wordt voldaan. Hoe kijkt de Centrale Raad van Beroep (CRvB) daar tegenaan?

CRvB oordeelt in het voordeel van de buschauffeur

De CRvB (ECLI:NL:CRVB:2024:670) is het met de buschauffeur eens omdat:

  • Over de interpretatie van het UWV het volgende: ‘Indien de regelgever deze uitzondering had bedoeld zoals het UWV deze bepaling interpreteert, zou de regelgever die wekeneis als onderdeel van de bewoordingen van artikel 3:5, zevende lid, van het AIB hebben geformuleerd’. Volgens vaste rechtspraak geldt dat, nu het hier gaat om een uitzondering op de hoofdregel, dat deze bepaling restrictief moet worden uitgelegd.
  • De pensioenen gingen in op 1 oktober 2020. Het laatste dienstverband startte op 3 oktober 2020;
  • Hij voldeed aan de overige voorwaarden voor het ontstaan van het recht op een WW-uitkering; en
  • Daarnaast staat er in de Nota van Toelichting bij deze bepaling (Stb. 2015, 43, p. 18-19): ‘De reden dat dergelijk ouderdomspensioen niet verrekend wordt met de WW-uitkering is dat er in dit geval, anders dan bij de hoofdregel wordt verondersteld, geen aanleiding is geweest voor betrokkene om zich volledig uit het arbeidsproces terug te trekken.’

Hoe meer jurisprudentie, hoe duidelijker het (tijdelijk) wordt.

Wilt u meer over dit soort vraagstukken weten, kijk dan op mijn homepage. Daarop staan in het kort de diensten die ik aanbied. Onafhankelijk pensioenadvies op maat, maar ook boeken en artikelen die ik schrijf ter voorbereiding. Zoals het boek en de whitepaper ‘Pensioenoplossingen bij ontslag‘.

Bijgewerkt op 12 april 2024.