Menu

Pensioenoplossingen bij ontslag (vroeger)

Vroeger waren er ook al pensioenoplossingen bij ontslag. Een vrijwillige voortzetting zette het deelnemerschap voort. De gewezen werknemer bleef deelnemer waardoor de pensioenopbouw werd voortgezet en de arbeidsongeschiktheidsdekking en het partnerpensioen behouden bleven. Op deze manier kon de periode totdat het pensioenfonds de premievrije voortzetting overnam worden overbrugd. Tegenwoordig kan een vrijwillige voortzetting nog steeds, afhankelijk van het fonds en de sector, leiden tot het behoud van een voorwaardelijk pensioen bij ontslag.

De kantonrechter en het hof

Een werknemer wordt tijdens zijn dienstverband arbeidsongeschikt. Het was een tijdelijk dienstverband. De arbeidsongeschikte is inmiddels gewezen werk- en deelnemer als hij in aanmerking voor een WAO-uitkering komt. Twintig jaar later claimt hij ook in aanmerking te komen voor een pensioen waarbij rekening is gehouden met een premievrije voortzetting over al deze jaren. De kantonrechter gaat hier in mee. Het hof Arnhem-Leeuwarden is het daar op 9 april 2019 (ECLI:NL:GHARL:2019:3122) niet mee eens.

Het pensioenreglement

In het pensioenreglement van de Stichting Bedrijfspensioenfonds voor de Houtwaren- en Borstelindustrie uit 1992 staat:

Het werknemer- en deelnemerschap eindigen gelijktijdig

  • ‘tenzij de deelneming wordt voortgezet voor eigen rekening overeenkomstig het bepaalde in artikel 11, lid 5 van dit reglement,
  •  dan wel wordt voortgezet in geval van arbeidsongeschiktheid overeenkomstig artikel 12 van dit reglement’.

De gewezen werknemer ging voor artikel 12 echter hij was sedert een aantal maanden geen deelnemer meer.

Artikel 12

‘Bijdragevrije deelneming in verband met arbeidsongeschiktheid

1.a. Voor een deelnemer, die arbeidsongeschikt is bij het bereiken van de maximum-uitkeringstermijn, wordt vanaf het einde van die termijn vrijstelling van de voor hem verschuldigde bijdrage verleend op basis van onderstaande tabel’.

Pensioenoplossing

Er was een oplossing geweest. Een oplossing vereiste ook in 1993 een actieve handeling op het moment dat de arbeidsovereenkomst van rechtswege eindigde. De gewezen werknemer had deelnemer kunnen blijven door zijn deelnemerschap eerst voor eigen rekening voort te zetten (zie de eerste geciteerde zin) om vervolgens als deelnemer én arbeidsongeschikte de maximum-uitkeringstermijn te bereiken waarna het fonds de pensioenopbouw zou voortzetten. De gewezen werknemer was hier hoogst waarschijnlijk niet van op de hoogte.

In die tijd was het minder gebruikelijk je als werknemer te laten bijstaan door een deskundige. Inmiddels weten werknemers en werkgevers de weg naar een deskundige nog steeds niet en masse te vinden maar is een deelnemerschap tijdens het ontstaansmoment van de arbeidsongeschiktheid meestal al voldoende. Het zal, wat dit soort gevallen aangaat, dus wel loslopen. Gelukkig blijven er genoeg voorbeelden over waar wel gehandeld kan en zou moeten worden.

Het in dit nieuwsbericht behandelde onderwerp komt ook aan bod in het boek ‘Pensioenoplossingen bij ontslag, gevolgen en mogelijkheden uitgebreid behandeld’.